Apnea

  • Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size

H 4.3.1 Decompressie Ziekte en Freediving: is het een probleem?

Gebruikers waardering: / 0
LaagsteHoogste 

Als je een typische duikersziekte zou moeten noemen wat vaak wordt genegeerd in zowel de wetenschap als de typische freediving klas, dan is het wellicht decompressie ziekte, ook wel bekend als caisson ziekte, of "The Bends". Dit artikel uit 2005 geeft enige informatie en zal in tijd vervangen worden door een recenter artikel.

Wat is Decompressieziekte (DCZ)

Wanneer je diep duikt, wordt gas geforceerd in ons lichaam ingebracht. Wanneer de hoeveelheid opgenomen gas weinig is, en er voldoende tijd is bij het opstijgen, kan dit weer zonder problemen verdwijnen.

Wanneer je echter te diep, te lang, of teveel duiken hebt gemaakt kan het opgeloste gas bellen veroorzaken. Deze bellen zorgen voor klachten die de symptomen van decompressie ziekte veroorzaken. Het gas waaruit de bellen bestaan is stikstof. Het vormt geen onderdeel van de verbrandingscyclus, maar veroorzaakt wel de problemen bij decompressie ziekte.

Deze ziekte is al voor langere tijd bekend bij duikers op gecomprimeerde lucht en werkers op gecomprimeerde lucht. Freedivers werden lang als immuun beschouwt voor DCZ vanwege hun relatieve korte duiktijd en relatieve ondiepe duiken.

DCZ in Freedivers

Dit beeld veranderde in 1965, toen een Franse wetenschapper duikers op ingehouden adem ontdekte in de Tuamotu Archipel, welke ten gronde gingen aan decompressie ziekte achtige symptomen na het duiken. Deze duikers doken vier tot zes uur naar diepten tussen de 30 en 50 meter. De ziekte werd lokaal Taravana genoemd, wat "gek vallen" betekend. Meer dan eens stierven er duikers na het duiken door deze ziekte.

Ook de Japanse duikers, van wie men dacht dat ze veiliger doken, bleken last te hebben van dit ziektebeeld. Onderzoek wees uit dat ze net zoals hun tegenvoeters in de stille oceaan last hadden van neurologische decompressie ziekte. Niet alleen klinische symptomen, maar ook MRI onderzoek wees op de zelfde beeld als decompressie ziekte bij sportduikers.

Nieuwe gevallen werden gerapporteerd gedurende de tachtiger en negentiger jaren toen freediving met behulp van onderwater scooters populair werd. Vroege gevallen werden in eerste instantie nog wel eens verklaard door opstijgings bewusteloosheid en verlies van motorische controle. Ondanks dat verschillende artikelen zijn verschenen in duik medische bladen, zijn er nochsteeds genoeg artsen die niet bekend zijn met freediving en het risico op decompressie ziekte.

Theorieën over DCZ bij freedivers

Net zoals de exacte fysiologie van DCZ bij duikers op gecomprimeerde gassen niet goed begrepen is, is er weinig goed begrepen van DCZ bij freedivers. Een ding waarvoor voldoende bewijs lijkt gevonden te zijn is dat met elke duik, los van zijn diepte of tijdsduur, er stikstof wordt opbouwt in het lichaam van de duiker. Wanneer een duiker voldoende diep duikt, en dat vaak genoeg herhaald ontstaat er uiteindelijk DCZ. De snelle opstijging zou zeker een rol kunnen spelen in het ontstaan van bellen en de ernstige symptomen, maar dit is meer speculatie dan feit.

Verschillen tussen DCZ bij freedivers en duikers op gecomprimeerde gassen.

DCZ in duikers op gecomprimeerde gassen zijn beschreven in twee typen, waarbij de eerste met name de huid en gewricht symptomen beschrijft, en de tweede meer neurologische symptomen als verlammingen en coordinatie problemen. DCZ bij freedivers wordt vaker beschreven als "Taravana", alhoewel de klassieke symptomen veel overeenkomsten hebben met DCZ type 2.

Waarom bij freedivers de symptomen sterker zijn wordt niet goed begrepen. Wellicht speelt de belvorming een rol hier. Bellen die ontstaan tijdens het duiken kunnen vast raken in de longen. Bij een daaropvolgende duik, zou de grote van de bel voldoende kunnen worden verkleind dat het door het vaatbed heen gaat en problemen veroorzaakt in de hersenen of andere neurale weefsels. Vreemd is echter dat wanneer DCZ ontstaat bij het duiken op een ademteug na het duiken met gecomprimeerde gassen DCZ type 1 wordt gezien.

De freediver en DCZ

Duikers op een ademteug kunnen DCZ krijgen wanneer ze veel herhalende duiken maken met een korte oppervlakte interval, zoals sommige speervissers doen, of ze een klein aantal diepe duiken uitvoeren met relatieve korte oppervlakte intervallen, zoals trainende wedstrijd freedivers doen.

Er is geen literatuur of wetenschappelijke kennis over hoe diep, en hoe vaak precies gedoken moet worden voordat DCI ontstaat.

Discussies tijdens een recent Duits symposia suggereren dat alle duiken dieper dan 40 meter een risico vormen, en dat minstens 10 minuten, liever meer, rust tijd nodig is tussen elke duik om het risico te verkleinen. Verder is er ook gesuggereert om zuurstof tijdens de rustperiode te gebruiken om de uitscheiding van stikstof te verbeteren. Hier is wel ingelichte medische begeleiding voor nodig. Zowel gepubliceerde als ongepubliceerde onderzoeken geven aan dat op duiken dieper dan 40 meter meetbare stikstofstress op het lichaam wordt veroorzaakt.

Zonder verder onderzoek hebben deze suggesties een gelimiteerde waarde en zouden ze niet gebruikt moeten worden als absolute veiligheidsregels. Dat geld ook voor de verschillende (theoretische) tabellen die in omloop zijn voor freediving.

Geadviseerd zou kunnen dat speervissers het aantal duiken zouden moeten limiteren, zeker wanneer ze in dieper water duiken. Duikers die trainen voor wedstrijd zouden hun duiken moeten plannen. Probeer het aantal duiken dieper dan 40 meter de limiteren en zorg bij diepe duiken voor voldoende tijd tussen de duiken. Bedenk dat het buddy tussen twee diepe duiken door de opname en afgifte van stikstof beïnvloedt.

Niet alleen de duikplanning is belangrijk in dit perspectief, ook de kennis en ondersteuning aan de oppervlakte. Zorg dat assisterende duikers en hulpverleners op de hoogte zijn van het duikplan en beschikken over de kennis om decompressieziekte van opstijgingsbewusteloosheid te onderscheiden. Bedenk verder dat het toedienen van zuurstof niet alleen eerste keus is bij bewustzijnsverlies door opstijgingsbewustloosheid bij freediving, maar ook de eerste behandeling is bij een verdenking van decompressie ziekte.

Het toedienen van zuurstof bij een geval dat van decompressie ziekte wordt verdacht vervangt echter nooit behandeling bij een hyperbaar medisch centrum. Wees bekend met de procedures voor het inroepen van hulp bij een duikongeval!

Tenslotte, hou in de gaten dat het duikpatroon van veel freedivers bij vrije trainingen aanleiding kan geven voor decompressie ziekte wanneer de diepte toeneemt. Hoe anders is dit in vergelijking met de trainingen op locatie voor een wedstrijd, waar vaak conservatiever wordt gedoken.

Conclusie

DCZ is een risico dat duikers, met name wedstrijd duikers en speervissers, zouden moeten begrijpen en moeten kunnen herkennen tussen andere duik gerelateerde ziekten. Vooral vanwege de beperkte kennis die aanwezig is, is DCZ iets wat altijd in het achterhoofd gehouden moet worden bij het plannen van met name diepe duiken. Uiteraard mag het duiken op ingehouden adem nooit plaatsvinden nadat er gedoken is met gecomprimeerde gassen.

Lees ook:

Taravana op de Tuamoto Archipel
Onderzoek

Interessante literatuur:
Kiyota Kohshi, Takahiko Katoh, Haruhiko Abe and Toshio Okudera, Neurological Diving Accidents in Japanese Breath-Hold Divers: A Preliminary Report, Journal of Occupational Health, 2001; 43: page 56-60
P. Paulev, Decompression sickness following repeated breath-hold dives, Journal of Applied Physiology,1965 Sep;20(5):1028-31

 

Voeg jouw reactie toe

Jouw naam:
Onderwerp:
Reactie:
  Het woord ter verificatie. Alleen kleine letters en geen spaties.
Woord verificatie:
RSS Feeds
Apnea.nl RSS Feed

Blijf op de hoogte!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief. Deze verschijnt 1 keer per 2 maanden.


Ontvang HTML?